David Bowie wint een Webby

Als jarenlange David Bowie-fan (kocht 30 jaar geleden de lp Heroes, sindsdien is het gevoel niet minder geworden zeg maar) ben ik natuurlijk ontzettend blij dat hij een Webby Award heeft gekregen voor zijn online activiteiten. Waar elke zichzelf respecterende artiest nu inmiddels dik op internet zit, was www.davidbowie.com midden jaren ’90 al een voorloper, zowel in functionaliteiten als in vormgeving. Nieuwtjes, muziek, berichten van de man zelve, een dagboek tijdens een wereldtoernee: het lijkt nu zo vanzelfsprekend. En als fan was ik best bereid om hier voor te betalen, in de wetenschap dat bijvoorbeeld bij kaartverkoop er voorrang werd gegeven aan Bowienetters.

(via Knack.be): David Bowie, veilingsite eBay en de ontwikkelaars van YouTube worden gehuldigd op de elfde editie van de Webby Awards, de ‘Oscars voor het internet’ die jaarlijks de beste sites en meest creatieve webmasters belonen. De Britse rockster krijgt een ere-Webby voor zijn carriere, die bijgedragen heeft tot het verleggen van de grenzen van kunst en technologie, sinds zijn website BowieNet uit 1998 tot zijn bedrijf UltraStar, ontwikkelaar van onlinecontent voor artiesten als The Rolling Stones en The Police.

rss feed

Ben nu ook aan de tweets met "Twitter"

Tsja, ook ik ben voor de bijl gegaan. Sinds donderdag heb ook ik een twitteraccount (http://twitter.com/lbroekman) en plaats ik van tijd tot tijd berichten over waar ik mee bezig ben. De inkomende berichten (collegabloggers, nieuwsberichten en enkele fictieve vrienden) lees ik in Gtalk, wat ik recent weer tot leven heb gebracht. Nadat ik bij een klant werd aangespoord te gaan MSN’en binnen de afdeling waar ik als interimmer werkte (wat daar gebruikelijker is dan een mail to all (en dus een live.nl account moest aanmaken)), had ik zoiets van “dan Gtalk ook maar weer de lucht in”. Komt dus nu weer goed van pas.

Verder laat ik mijn weblogposts automatisch plaatsen in Twitter, kan ik vanuit FoxyTunes mijn muziekkeuze delen en verder … zie ik wel wat ik ermee blijf doen. Wat me wel opvalt in die paar uur tijd dat er flink wat berichten over en weer gaan plus dat het echt wel een apart kanaal is, in die zin dat er nieuwe informatie wordt gedeeld die niet noodzakelijkerwijs op een blog of ander medium terecht komt.

Technorati tags: , // rss feed

Onderzoek naar vertrouwensaspecten bij websites

Ik ben benaderd door Rick Koopman, student aan de Universiteit Twente op de afdeling Toegepaste Communicatie Wetenschap, die bezig is met een onderzoek naar vertrouwensaspecten bij websites.

In zijn speurtocht naar respondenten heeft hij mij gevraagd om zijn onderzoek ‘te pluggen’ via dit weblog en ja, daar werk ik graag aan mee. Het invullen van de enquete duurt ongeveer 15 minuten en is te vinden op: www.nimation.nl/websiteonderzoek.

Voor wat hoort wat, blijkt verder uit zijn verzoek:
“Om het ook voor de mensen die de enquete invullen interessant te maken, verloot ik een iPod Nano (winkelwaarde ongeveer 130 euro) onder de respondenten.” En voor de deelnemende weblogs wordt het onderzoeksrapport in het vooruitzicht gesteld. Rick, succes ermee en ik zie de uitkomsten met belangstelling tegemoet.

Marcom Top 100: lichte daling voor Propaganda

Tsja, een kleine terugval in de Marcom Top 100 van Marketingfacts voor ‘propaganda’. In de vorige lijst was plaats 56 aan dit weblog toebedeeld, in de nieuwe lijst staan we op plaats 60 (december 76, januari 31). Ik blijf zelf streven naar een plekje in de top 40 en zal daarvoor aan mijn PageRank en aantal stemmers moeten gaan werken. Daarnaast hoop op dat de stijgende lijn in comments doorzet, want ja, reacties op de publicaties worden op prijs gesteld en leiden vaak nog een tot een verdieping van het onderwerp, zoals deze discussie.

HBR: de invloed van early adaptors wordt sterk overschat

Elk jaar presenteert de Harvard Business Review de lijst met meest invloedrijke en innovatieve ideeen. Voor 2007 lijkt Duncan J. Watts de beste papieren te hebben. Anders dan Malcolm Gladwell in zijn boek `The Tipping Point`stelt, beargumenteert Watts dat trends en hypes niet alleen geinitieerd worden door `influentials`, individuen die over specifieke kennis, overredingskracht en een bijzonder netwerk beschikken. De theorie die influentials deze invloed toedicht, is die van de `two-step flow of communication`: informatie stroomt van de media naar influentials en deze geven het weer door aan de rest van de wereld. Deze theorie verklaart waarom een ontwikkeling opeens een trend wordt, of waarom een merk opeens `hot` is.

De theorie van early adaptors wordt vooral door marketeers aangehangen die hiermee via beinvloeding van een selecte groep de mainstream consument willen bereiken. Watts en zijn collega Peter Dodds beargumenteren nu het tegendeel en stellen dat de invloed van influentials op de mainstream schromelijk wordt overschat. Invloed blijft belangrijk voor de gehele `keten` in een netwerk – iemand die slechts een paar personen van de influential verwijderd is, heeft immers net zoveel invloed als de influential zelf en is in staat om de enthousiasmerende keten te saboteren.

Our argument stems from a simple observation about social influence: With the exception of celebrities like Oprah Winfrey (whose outsize presence is primarily a function of media, not interpersonal, influence) even the most influential members of a population simply don not interact with that many others. Yet it is precisely these noncelebrity influentials who, according to the two-step-flow theory, are supposed to drive social epidemics, by influencing their friends and colleagues directly. For a social epidemic to occur, however, each person so affected must then influence his or her own acquaintances, who must in turn influence theirs, and so on; and just how many others pay attention to each of these people has little to do with the initial influential. If people in the network just two degrees removed from the initial influential prove resistant, for example, the cascade of change will not propagate very far or affect many people.

Ik vind dit wel een interessante gedachte, waarmee het belang van het netwerk van het netwerk wordt duidelijk gemaakt.

Bron:Harvard Business Review (februari 2007; nr. 2, p. 20; 25 p.)

'Pimp my weblog'

Ik heb weer enkele aanpassingen (verbeteringen?) doorgevoerd op Propaganda. Als je een weblog over online communities & social networking bijhoudt, dan mag daar zelf ook wel wat aan doen. “Practise what you preach”, of “de kinderen van de bakker eten oud brood”. Eerder had ik al mijn LinkedIn-profiel via LinkedInABox weergegeven. Daar zijn nu drie aanvullingen bijgekomen.

  1. Zoeken via Swicki. Google delft even het onderspit hier. Swicki stelt je in staat te leren van het zoekgedrag van je bezoekers door periodiek (kan dagelijks) een overzicht te produceren van de gebruikte zoektermen. Hiermee kun je de bijbehorende tagcloud aanpassen. Gebruikers kunnen ook de zoekresultaten een waardering meegeven. Bijkomend voordeel vind ik de visuele weergave. Nadeel (schijnt) dat de resultaten minder goed zijn dan bij Google. Hee, het gaat toch om de gebruiker? Mmm, goed punt, daarom zou het kunnen zijn dat t.z.t. Google weer terugkomt. Voorlopig kies ik voor het groepsgevoel en de ‘looks’.
  2. Een email-nieuwsbrief met de berichten van Propaganda. Recent sprak ik iemand die best veel blogs leest en dat toch zonder RSS feeds doet. Elders las ik dat een verhouding email versus RSS-abonnees 1 staat tot 5 realistisch is. Dus waarom niet, maak het je lezers makkelijk. En ja, de enige moeite die het kost is een betrouwbare tool zoeken die dit voor je regelt. Voorlopig gebruik ik Feedburner hiervoor, op een ander blog heb ik ter vergelijking Zookoda geplaatst.
  3. MyBlogLog visualiseert je bezoekers (letterlijk) en biedt de mogelijkheid een community rondom je weblog te vormen. Daarnaast kun je je heel eenvoudig bij diverse andere communities aansluiten. Je ziet de widget op steeds meer weblogs verschijnen (ik ben dus zeker niet origineel hierin …).

Nog andere suggesties? Hoor ze graag.
Technorati tags: , // rss feed

HBR Case: een wiki over Wikipedia

In de ware geest van hun onderwerp Wikipedia, hebben de Harvard Business School professoren Karim Lakhani en Andrew McAfee hun case in de vorm van een wiki online gepubliceerd en aldus de case letterlijk en figuurlijk in de praktijk gebracht. De studie documenteert niet alleen de geschiedenis van Wikipedia, maar van encyclopedieën in het algemeen en stelt de informatie in een formaat beschikbaar voor dat bedoeld is om debat en discussie te bevorderen over het onderwerp.

Prof. Lakhani merkt op zijn blog op dat hij overtuigd was om dit zo aan te pakken omdat, “wij alleen niet genoeg weten over wat er bij komt kijken om een innovatiegemeenschap te ‘leiden ‘.” Het resultaat is een goed verhaal in een toepasselijke verpakking.

Bericht op Marketingfacts

Technorati tags: // rss feed