Presentatie: Succesvolle Alumni Netwerken

Op donderdag 4 november 2010 was ik spreker op het Nationaal Alumni Congres, georganiseerd door FORMEDIA. Ruim 150 bezoekers woonden diverse sessies bij, o.a. van Stephan Fellinger. Mijn presentatie ging over Succesvolle Alumni Netwerken, gebaseerd op het W3 model: Wie nemen er deel, Waarom bestaat deze community en Wat wordt er gedeeld? Dagvoorzitter Jan Peter Bogers plaatste een paar van mijn quotes op Twitter, daaronder de hele presentatie:

Landen waar Facebook niet de grootste is

In de afgelopen weken is er regelmatig discussie geweest over de gebruikersaantallen van Hyves en Facebook in Nederland. Yme Bosma verdedigt de resultaten van Hyves met verve, goed onderbouwd met cijfers. Hoe de uitkomst van de vergelijking ook uitvalt: Hyves is in Nederland groter dan Facebook. En ja, het verschil tussen beide partijen is kleiner geworden.

Click op de afbeelding voor een grotere versie
Laten we eens kijken in welke landen ter wereld Facebook niet het grootste sociale netwerk is. Hier volgt een eerste aanzet voor een totaaloverzicht:
1. Nederland is al genoemd (Hyves)
2. Brazilië (Orkut)
3. Rusland (VKontakte)
4. Zuid-Korea (CyWorld)
5. Japan (Mixi)
6. China (QQ)
7. Taiwan (Wretch)
8. Vietnam (Zing ME)
9. Duitsland (StudiVZ)
Update:
10. Polen (Nasza-Klasa)
11. Letland (Draugiem)
12. Iran (Cloob)
13. Oekraïne (VKontakte)
14. Moldavië (Odno Klasniki)
15. Syrië (Maktoob)
16. Kazachstan (VKontakte)
17. Wit-Rusland (VKontakte)

Bron: Alexa
Aanvullingen in de comments graag.

Van Blinkz tot ‘corporate blog’

Op 25 november 2004 woonde ik, als leergierige werknemer van Paul Postma Marketing Consultancy, een bijeenkomst bij van Emerce over bloggen, in de Rode Hoed. Outlook 2005. Sprekers o.a.: Frank Janssen, Marco Derksen, Frank Meeuwsen. Geweldig. Kennis delen over wat toen nog ‘Hele Nieuwe Media’ was. In de week erna begon ik ‘Blinkz’, een intern blog voor PPMC-collega’s, met links naar artikelen die ik interessant vond voor hen en mijzelf. Blinkz stond voor B(roekman) Links en ook voor ‘blink’: opvallend. De ‘z’ was vooral … hip. Tsja. Host: Blogger.com, URL: ppmc.nl/blinkz omdat ik toen wilde dat de gedeelde kennis gerelateerd werd aan PPMC, www.blinkz.nl legde ik ook meteen maar vast. Na een maandje intern testdraaien ging het blog ‘open’. Ik leerde de Nederlandse blogwereld beetje bij beetje beter kennen, contacten met de eerder genoemde heren en bijvoorbeeld Hans Mestrum en Eduard de Wilde stammen uit die periode.

Per 1 januari 2006 stapte ik over naar Atos Consulting en droeg ik Blinkz over aan Arjan Haring. Hij maakte er een goed draaiend teamblog van, wat ook nog na het opgaan van PPMC in Capgemini bleef publiceren. Ik maakte een doorstart als semi-zelfstandig blogger en sloot me aan bij Marketingtribune, die een blogconcept waren gestart: Marketingpulse. Een verzameling blogs, met ieder een eigen redacteur plus een subdomein op marketingspulse.nl. Ik noemde het blog ‘Propaganda’, weblog over interactieve communicatie & online communities. URL: marketingpulse.nl/propaganda. Het initiatief hield er na een paar maanden mee op, waarna ik in augustus 2006 weer zelfstandig verder ging. Terug naar Blogger.com. So shoot me.

De naam Propaganda bleef gehandhaafd, de focus werd verbreed naar ‘Over online communities, web 2.0 & interactieve marketing’, de URL werd www.propaganda-online.nl, omdat www.propaganda.nl al in gebruik was (helaas). De verklaring van de naam Propaganda? Ooit had ik een t-shirt met de briljante tekst: Banana Republic – Minister of Propaganda. Dat leek me wel wat, qua baan. Maar net als zoveel anderen word je geen brandweerman, profvoetballer of Minister van Propaganda maar gewoon kantoorslaaf, al dan niet zelfstandig. Ik richtte me op informatie over sociale netwerken, een onderwerp wat meer en meer in de belangstelling kwam te staan. Enerzijds putte ik uit eigen ervaringen, opgedaan in mijn werk als adviseur, anderzijds maakte ik gebruik van andere (online) bronnen. Daarnaast ging ik ook bloggen op Marketingfacts, content die ook weer op Propaganda zou belanden.

Bloggen veranderde in de laatste jaren van het eerste millenium van de 21e eeuw. Diensten zoals Flickr en YouTube maakten het mogelijk om heel eenvoudig beeld en video aan blogposts toe te voegen. WordPress ontwikkelde zich als een beter, flexibeler, professioneler platform dan Blogger. Maar daarnaast kwamen ook laagdrempelige diensten zoals Tumblr en Posterous op het toneel: kun je mailen, dan kun je dus een website onderhouden. Simpel. Verder zag een bezoeker veelal geen verschil meer tussen een website en een weblog. het web werd dynamischer met meer interactiemogelijkheden. Bovendien werd het aanbod marketingblogs erg, erg groot, zie de MarCom Top100 van Marketingfacts. De grootste verandering: de komst van Twitter. Hierdoor werd enerzijds het aantal blogposts van eigen hand minder (ik spreek alleen voor mijzelf) omdat je in een kort bericht een link kon delen en vervolgens de interactie op Twitter (of Facebook) zich ontwikkelde, anderzijds werd het aantal reacties op blogposts minder, ook vanwege de verschuiving van de interactie.

Inmiddels had Broekman Marketing Advies het licht gezien. Vanaf het begin was ik niet tevreden over de combinatie van een zakelijke website met daarnaast een aparte blog, met een andere naam op een afwijkende URL. Dat is inmiddels veranderd. Met dank aan Frank Meeuwsen en Forsite Media is de oorspronkelijke bedrijfswebsite gekoppeld aan het blog, is alles onder 1 dak gebracht, gehost op WordPress. Het blog, inclusief het archief dat terug gaat tot januari 2006, is nu een onlosmakelijk onderdeel van Broekman Marketing Advies. Exit Propaganda. Alle informatie is nu op 1 plek te vinden en versterkt elkaar (toch?). De RSS feed is ook gewijzigd en ja, dat kost ongetwijfeld lezers. Maar RSS is, mede door de beschreven opkomst van diverse sociale media, steeds minder verantwoordelijk voor de toevoer van blogbezoekers. Mijn blogfrequentie blijft onberekenbaar. Vrijwel dagelijks bloggen zoals enkele van mijn favoriete bloggers Ernst-Jan, Erwin en Niels wel doen, dat zit er niet in. Wat dan wel? Zo onregelmatig mogelijk informatie delen over interactieve marketing, web 2.0, communicatie en presentaties die ik geef. Om te beginnen: een reeks over “Contactstrategie: De Tien Geboden”.

KECGBKMUM44N

Over de toenemende rol van mobiel in sociale netwerken

Online communities, sociale netwerken. Web2.0 toepassingen. Social media. Oude en nieuwe media raken er maar niet over uitgepraat. Iedereen heeft er mening over. Bedrijven besteden veel tijd en euro’s omdat men ‘sociaal’ mee moet doen. Men heeft blijkbaar niets geleerd van de Second Life verkwistingen. “Onderdeel van de discussie moeten we zijn”, al dan niet in een gecontroleerde omgeving. Tsja. Waar kies je voor? Als je een volger wilt zijn, dan sluit je nu inderdaad aan, achter in de rij. Wil je voorop lopen, dan zijn er andere opties.

Als men mij vraagt wat ik onder Social Networking versta, dan antwoord ik: ‘klontergedrag’. Mensen met een gedeelde passie die elkaar vrijwillig opzoeken in een voornamelijk online omgeving, om te delen. En dat is niets anders dan oude wijn in nieuwe zakken. Want die behoefte om te delen, die heeft de mens altijd gehad. Denk aan postzegelbeurzen, correspondentieschaak, cassettebandjes. Voorlopers van Marktplaats, World of Warcraft, Last.fm. Het belangrijkste verschil is de techniek. Die maakt dat alles laagdrempeliger is geworden, die fungeert als katalysator, die geeft een ander belang aan eerdere beperkingen zoals tijd, plaats en complexiteit. En de techniek staat niet stil. Integendeel.

Social Networking krijgt de komende jaren een gigantische boost op ‘mobiel’. Je eigen netwerk in je broekzak. Het apparaat dat je eerder mist dan je portefeuille (wetenschappelijk bewezen). Waar je ook nog mee kunt bellen (schijnt). Maar wat steeds meer jouw Personal Information Device is geworden: 24/7 online, vermenging zakelijk & prive en met steeds meer relevante toepassingen voor smartphones. Recent onderzoek toont aan dat social networking populairder is op mobiel dan op het web. Gartner voorspelt dat in 2013 er meer mensen online via mobiel zullen zijn dan via pc’s.

“Hier ben ik en dit doe ik nu.”
Toepassingen gericht op het ‘nu’. Waar je bent. Wat je doet. Twitter is er groot mee geworden. Heel groot. “What are you doing?” Facebook, Hyves, LinkedIn: allemaal werken ze inmiddels met statusupdates. Wat ben ik aan het doen? En als dat elke keer vanachter een desktop wordt ingevoerd, dan zou het wel eens minder dynamisch en interessant kunnen worden. Juist als je op pad bent, naar die belangrijke sportwedstrijd, dat concert of naar die belangrijke zakelijke bijeenkomst, dan wil je dingen delen. “Kijk mij eens”. Diensten als Foursquare en Gowalla spelen hier goed op in.

Dat zijn voorbeelden waar je zelf de bron van de informatie bent. Met de komst van de iPhone en Android toestellen zijn er daarnaast diverse applicaties geproduceerd die op basis van de GPS functie iets te bieden hebben aan de gebruiker. Denk bijvoorbeeld aan sportregistratiesystemen (RunKeeper, Buddy Runner), Google Sky Map (“oh, dat is dus de Grote Beer”), Layar (Augmented Reality), mash-ups: informatie toegevoegd uit andere bronnen (bijvoorbeeld Buzz in combinatie met Google Maps), reisadvies op basis van werkelijke locatie (9292, Google Maps). Het digitale boodschappenlijstje van Albert Heijn past de volgorde aan gebaseerd op de winkel waar je bent. Slim gebruik van relevante kennis over locatie en inrichting.

En dan weer terug naar Social Networking
De behoefte om te delen, nu, direct, kort, snel. Of: ik wil het nu weten. Wat er waar gebeurt in je digitale vriendenkring. Of wat die digitale camera in een andere winkel kost. Wederom: nu. Want straks doe ik iets anders en dan is het niet relevant meer.

De grote spelers (lokaal danwel internationaal) hebben elk hun eigen mobiele applicaties: Facebook, Hyves, MySpace, StudiVZ, LinkedIn, Bebo. In cijfers: er zijn wereldwijd meer dan 141 miljoen social networkers via mobiel. Over 5 jaar zijn dit er naar verwachting 760 miljoen, een vervijfvoudiging. En dat terwijl de groei in mobiele gebruikers slechts zo’n 20% stijgt en het mobiele internetgebruik verdrievoudigt. (bron: eMarketer).

Facebook is wereldwijd het grootste sociale netwerk met 400 miljoen gebruikers, 25% maakt al gebruik van de mobiele versie van Facebook. En dit gaat alleen maar meer worden. De grootste groei op online gebied zal de komende jaren in Afrika en Azie te zien zijn. Echter, dat zal niet direct tot uiting komen in de cijfers van Dell of Microsoft. Er wordt daar een stap overgeslagen en direct op mobiel internet overgeschakeld. Gezien de dominantie van Facebook zal het aantal gebruikers van de dienst in ontwikkelingslanden ook stijgen: je bezoekt immers ook liever de kroeg waar het druk is in plaats van het etablissement waar je tegen de barkrukken praat.

De toekomst van Social Networking is dus mobiel
Omdat dit aansluit bij het veranderende gedrag van de mens en bovendien waarde kan toevoegen door real-time relevante informatie te verschaffen uit bronnen die je vertrouwt: je online vriendenkring danwel zelf gekozen software applicaties, vaak aanbevolen door diezelfde digitale vriendenkring. Bovendien vermengt mobiel de online en offline wereld. En dat is juist een van de belangrijkste zaken van een succesvol sociaal netwerk: de combinatie van online en offline. Als Barack Obama niets te melden had gehad op bijeenkomsten, dan was het zo geroemde online netwerk van hem nutteloos geweest. Sterker nog, dan had het zich tegen hem kunnen keren. Twitter is leuker door de Twitterborrels. Last.fm geeft info over komende concerten, afgestemd op mijn luisterprofiel en mijn locatie, plus wie van mijn digitale vriendenkring er ook naar toe gaat. MySpace biedt bands de mogelijkheid via een digitaal podium publiek naar een fysiek podium te trekken. LinkedIn faciliteert de online aanwezigheid van groepen die offline samen komen (zoals ondernemersverenigingen, congresbezoekers).

De komende jaren verschuift een deel van de traditionele wereld naar mobiel: denk ook aan betalingen (meer dan alleen parkeren via sms), muziek onderweg (streaming, on demand), chat in plaats van SMS, meer toepassingen van RFID en Near Field Communication (eindelijk inlossing van die belofte). Aan jullie de keus: voorop lopen, in de rij aansluiten of de boot missen.

Dit artikel is eerder verschenen op Marketingfacts

Technorati tags: , // rss feed

Mijn Sellaband Tribute

Sellaband is failliet. Dat is jammer, het idee om fans beginnende artiesten te helpen met het uitbrengen van een CD was nobel en een van de eerste vormen van crowdfunding. Het recente gestarte TenPages.com kreeg in elke review te maken met de vergelijking met Sellaband. Zelf heb ik ook enkele artiesten gesteund (omdat ik wel in het idee geloofde). Voorbeelden zijn Julia Marcell en Ellie Williams, van elk volgt hierna een song.

Technorati tags: , // rss feed